De directie van Jumbo (de supermarkt, niet de puzzels) kon afgelopen zondag tevreden terugkijken op de behaalde resultaten. De resultaten van hun sponsorbeleid welteverstaan.

Eerst scheurde Max Verstappen zijn auto naar de eerste plaats op het Duitse Hockenheim-circuit en slechts een paar uur later stond Steven Kruijswijk op het prestigieuze wielerpodium in Parijs. Allebei sportprestaties van formaat, allebei (mede) dankzij de financiële middelen van Jumbo.

En dat is geen toeval.

 

Nieuwe koers

Een aantal jaar geleden namen ze bij Jumbo het besluit om de sponsorgelden veel selectiever in te zetten. Alleen nog maar financiële middelen naar de topsporters die de Nederlandse trots belichamen.

Dat is dus niet de lokale klaverjasvereniging. Of het klompenmuseum.

Dat is Max. Dat zijn Steven en Dylan. Dat zijn Kjeld en Antoinette.

De sportieve smaakmakers die het Nederlandse hart sneller doen kloppen. Voor hen blijf je thuis om tv te kijken. Of voor hen ga je juist op pad, om bij vrienden de race of etappe te kijken.

En precies tijdens die sportuitzendingen met hoge kijkcijfers komt Jumbo in beeld. Waardoor jij niet alleen trots bent op een meesterlijk klimmende Steven Kruijswijk, maar onbewust ook een warm hart toedraagt aan die supermarktketen die op zijn shirt prijkt.

Daar kan geen reclame tegenop. Tenzij het die reclame is waarbij Max Verstappen met Frank Lammers racet om de eerste plek bij de Jumbo-kassa natuurlijk.

 

Stille sponsor van PSV

De naam ‘Jumbo’ zal níet prijken op het shirt van PSV. Die sponsoren ze ook met flinke bedragen, maar vanwege de landelijke dekking van hun supermarkten, willen ze de naam Jumbo bewust niet koppelen aan een Eindhovense voetbalclub.

Slim, want anders zouden de Jumbovestigingen in bijvoorbeeld Rotterdam en Amsterdam het een stuk rustiger gaan krijgen. Je klanten vinden het namelijk niet leuk als je een club sponsort waar zij zelf niet achter staan.

 

Duurzame misser van Qurrent

Daar kan de directie van Qurrent inmiddels over meepraten. De duurzame energieleverancier kreeg een flink tik op de vingers van zijn eigen klanten nadat ze het sponsorcontract met Feyenoord ondertekenden in 2017. Die klanten betalen namelijk bewust een hoger maandbedrag, wetende dat dat geld geïnvesteerd wordt in duurzame energieopwekking.

En nu gaat hun geld naar de nieuwe linksbuiten van een Rotterdamse club?!

De samenwerking heeft slechts twee seizoenen geduurd. Een pijnlijk voorbeeld van een bedrijf dat niet goed nadacht over hun sponsorbeleid.

 

Keerzijde van de medaille: Rabobank

Een mislukt sponsorbeleid kan ook een goede les zijn voor de toekomst. Dat bewijst de Rabobank. In 2012 leden zij als hoofdsponsor van die Nederlandse wielrenploeg juist grote imagoschade. De ene na de andere dopingzondaar uit hun team werd ontmaskerd. Sportfraude onder de vleugels van een bank met een braaf imago, au.

De bankdirectie zat er flink mee in de maag. Dat professionele team was een belangrijk onderdeel van hun sponsorbeleid om juist de complete wielersport financieel te ondersteunen. Niet alleen geld naar Michael Boogerd en Thomas Dekker, maar ook naar de jeugdafdelingen. En naar de seniorencompetitie. En naar de dikkebandenrace van de lokale basisschool.

Maar ja, zo’n dikkebandenrace zenden ze niet live uit op de NOS, ook al prijkt de naam Rabobank op alle kinderhesjes en op de finishboog.   

Het sponsorbeleid was een bewuste combinatie van wielertopsport en breedtesport. Een onhoudbare combinatie nadat de dopinggevallen uit de lucht bleven vallen.

 

Het succes van de clubkascampagne

Inmiddels heeft de Rabobank de topsport losgelaten en zetten ze veel bewuster in op het sponsoren van lokale verenigingen en stichtingen.

De clubkascampagne is daar een goed voorbeeld van. Elke deelnemende vereniging promoot ‘Rabobank ClubSupport’ onder hun leden en iedere Raboklant mag vervolgens 5 stemmen uitbrengen op zijn favoriete lokale verenigingen. Een stem staat gelijk aan ongeveer 3 euro, dus de klanten van de Rabo bepalen zelf waar het sponsorgeld (da’s toch 15 euro per klant) naartoe gaat.

Johan van de klaverjasvereniging stuurt al zijn leden een nieuwsbrief over de sympathieke actie van de Rabobank. En Natasha doet op Facebook meerdere oproepen aan de Raboklanten om hun stem uit te brengen op haar klompenmuseum.

Hoe coöperatief wil je een bank hebben?

Waar in 2012 het enige positieve rondom de Rabo de dopingtesten waren, komt de naam ‘Rabobank’ nu tenminste weer écht positief in de lokale krantjes en op de sociale tijdlijnen.

 

Jouw eigen sponsorbeleid

Kijk eens naar jouw eigen sponsorbeleid. Ben jij een Jumbo of een Qurrent?

Neem het niet persoonlijk op, maar de kans is groot dat jij ook een Qurrent bent. Net als ik trouwens. Zo sponsorde ik een paar maanden geleden nog de sinterklaasintocht in ons dorp. Niet om aan nieuwe klanten te komen, maar gewoon… omdat ik die vrijwilligers bij ons uit de buurt een financiële bijdrage gun.

En heel eerlijk: dat is geen sponsoren, maar doneren.

Net zoals het een donatie is aan de voetbalclub als een metselaar de tassen ‘sponsort’ van het team van zoonlief.  

Wil je een sponsorbeleid opstellen? Zorg er dan voor dat jij doelen sponsort die passen bij jouw klanten. Zo is het logisch dat een hardloopcoach een atletiekclub sponsort, mits zijn bedrijfsnaam prominent in beeld komt bij de leden.

En die metselaar kan heel goed een samenwerking starten met een ROC, bijvoorbeeld door bij te dragen aan de jaarlijkse muur-metsel-kampioenschappen. Daarbij speelt het bedrijf zich in de kijker van potentieel nieuw personeel.

 

Allerleukste kosten in je boekhouding

Maar namens alle verenigingen en stichtingen bij jou in de buurt: je hoeft niet per se een sponsorbeleid te hebben hoor. Je mag gerust aan de klaverjasclub van buurman Johan doneren in ruil voor een bedankje in het clubblad en dat sponsoring noemen.

Dat zijn de meest sympathieke kosten in je boekhouding. 

Gr. Joyce