Mijn meest gegeven advies aan ondernemers is: ‘Stop ermee’. De ene keer gaat dat over een onderdeel van hun marketing, de andere keer zelfs over het complete ondernemerschap.

Ik neem je mee achter mijn schermen en deel een paar voorbeelden van die stop-ermee-adviezen.

 

1. Stop met social media

Deze passeert bij bijna elke nieuwe klant de revue: stop met social media. In de meeste gevallen heb ik het dan slechts over de beroerd draaiende Facebookpagina of het verwaarloosde Instagramaccount. Maar heel soms komt het zelfs voor dat alle socialmediaplatformen overbodige ballast zijn voor het bedrijf. Zoals bij Marije.

Marije is moeder en zangcoach. Ook in die volgorde. Ze heeft bewust gekozen om deze jaren dat haar kinderen nog klein zijn, meer thuis te zijn. En dat is perfect te combineren met haar zangcoaching, want… daar heeft ze nu wekelijks maar 4 uur werk van.

Zo ‘parttime’ hoeft dat ondernemerschap nou ook weer niet te zijn. Dat mag best groeien naar 16 tot 20 uur.

Ze leert amateurzangers en kerkkoren hoe die met professionele zangtechnieken hun stem beter en gezonder gebruiken. Ze heeft een Facebookpagina, een Insta-account en zelfs een LinkedInprofiel.

‘Ik word er een beetje moedeloos van, want ik ben er heel veel tijd aan kwijt, nog extra door mijn dyslexie. Als ik dan zie hoe vaak ik geen enkele reactie krijg, gewoon nul, dan vraag ik me wel eens af waarom ik dit doe.’

Tijdens de doelgroepanalyse die ik met haar doe, komen we tot de conclusie dat niemand van haar eerdere klanten haar via social media heeft gevonden. Een paar zangers hebben haar gegoogled, een handvol klanten is doorverwezen door een collega-zanger en drie kerkkoren hebben haar lezing op de landelijke korendag gevolgd.

‘Als je er toch zo ongelukkig van wordt, het schrijven je niet ligt én het geen klanten oplevert, waarom stop je er dan niet mee?’

We werken vervolgens een marketingplan uit met varianten die veel beter bij haar én haar klanten passen. ‘Oh, wat fijn dit. Een last valt van m’n schouders.’

 

2. Stop met SEO

Als je een WordPresswebsite hebt, ken je de plug-in Yoast misschien wel. Een controlemiddel om te kijken of jouw tekst SEO-proof is. Superleuk, want hoe beter je SEO-tekst is, des te groener de bolletjes in dat programma worden.

Teamcoach Rob werkt daar ook mee. ‘Ik snap het niet helemaal, want ondanks de groene bolletjes heb ik niet het idee dat ik via Google gevonden word. Alle nieuwe volgers komen uit mijn netwerk of via LinkedIn.’

Ik schakel mijn allerslimste SEO-mannetje in om een zoekwoordenanalyse voor Rob uit te voeren. Wat blijkt? Er zijn maar een handvol zoekwoorden in zijn vakgebied waar zijn doelgroep op zoekt. En die zijn natuurlijk al lang in beslag genomen door de grote jongens in teamcoachingland. Eén van die populaire termen heeft Rob toevallig ook op ingezet, inclusief groene bolletjes.

We typen die zoekterm in bij Google en zien vervolgens de ene na de andere advertentie in beeld verschijnen. Allemaal concurrenten die hebben ingezet op de betaalde tak: SEA. En bij het organische bereik zien we alleen maar de grote bureaus. Aan hun teksten zie ik meteen dat zij zwaar hebben ingezet op SEO.

Rob staat op de 8e pagina… Met zijn groene bolletjes…

‘Deze strijd ga je als eenpitter niet winnen, Rob. En gelukkig hoeft dat ook niet, want we hebben net al gezien dat jij op andere manieren veel logischer aan je klanten komt.’

Ook voor Rob schets ik een plan met marketingvarianten die wél goed voor hem werken.

Rob: ‘Hè fijn, dan kan ik weer normale teksten schrijven. Nu moest ik me steeds in rare bochten wringen om die bolletjes in Yoast op groen te krijgen.’

 

3. Stop met die klanten

Meestal heb je de allerleukste klanten van de wereld, maar soms heb je er ook energievreters tussen. Klanten met wie je toch niet zo’n goede match blijkt te hebben. Klanten die zich daardoor niet goed geholpen voelen. En waardoor jij zucht als je in je agenda ziet staan dat die energievreter morgen langs komt voor de volgende afspraak.

Zo ook Erica, die een landelijk platform voor kinderfeestjes heeft opgezet. Aan de ene kant komen ouders op haar site om te oriënteren naar gezellige feestjes voor hun jarige stuiteraar. En aan de andere kant staan kinderfeestjesbedrijven tegen betaling op haar site, keurig verdeeld per regio.

Het loopt de laatste tijd niet lekker met het contact tussen Erica en de eigenaar van een van die kinderfeestjesbedrijven van het eerste uur. Enerzijds gedoe met de betaling en anderzijds hoort ze de eigenaar vooral klagen over Erica’s rol als intermediair.

De kritiek brengt haar aan het twijfelen, want we zijn net bezig om haar platform te veranderen. Haar dienstverlening naar de feestbedrijven wordt professioneler en krijgt meer toegevoegde waarde. Zo laat ze binnenkort van elke deelnemer korte promofilmpjes maken. Bij die professionalisering van het platform horen ook andere advertentietarieven. Niet meer de vriendenprijsjes die ze steeds vroeg om de kosten te dekken, maar een serieus tarief.

‘Ik weet niet of zij dat wel gaat pikken. Ze is nu al zo kritisch op me en doet alsof ze op mijn stoel wil zitten. En het huidige tarief vindt ze al teveel, terwijl dat eigenlijk een lachertje is. Maar het voelt zo raar om afscheid van haar te nemen, want ze was wel de eerste die instapte toen ik net begon.’

Een paar weken later staat de afspraak gepland. Erica gaat – weliswaar vol adrenaline – het gesprek aan met de klagende klant. Ze vertelt over de nieuwe, duurdere vorm voor de samenwerkingen en legt het dilemma voor. ‘Als ik kijk naar onze huidige samenwerking, komt het op mij over alsof we straks in de nieuwe opzet geen match meer hebben. Ik geef je de informatie mee, zodat je het kan laten bezinken. Graag zou ik daarna van je willen weten wat jouw keuze is: óf we beëindigen onze samenwerking vanaf het nieuwe jaar of we gaan verder in de nieuwe vorm, waarbij ik veel meer van jou verwacht.’

Een week later appt Erica me. ‘(…) heeft besloten om uit te stappen. Voelt raar hoor, want ik ben blij, terwijl ik teleurgesteld zou moeten zijn. Of misschien vind ik zelf dat ik teleurgesteld moet zijn en voel ik me daar weer schuldig over. Vermoeiend, dat gevoel van mij ook steeds, haha!’

Ik app haar terug: ‘Nee hoor, het blije gevoel klopt. Is bevestiging dat de juiste knoop is doorgehakt’

 

4. Stop met die nieuwsbrief

Sommige ondernemers hebben zich laten meeslepen door adviezen uit de ‘online bubble’. Denk hierbij aan de te-mooi-om-waar-te-zijn stappenplannen tot rijkdom en succes. Denk aan de salesfunnels gevuld met advertenties, webinars, nieuwsbrieven, retargeting en aan het einde van de rit natuurlijk een online programma om het passieve inkomen binnen te laten stromen.

Zo ook Harald, die eerder een online programma heeft gevolgd om zijn online marketing op te tuigen. En die daarom natuurlijk een nieuwsbrief heeft.

In principe is er niets mis met een nieuwsbrief, zou een beetje raar zijn als ík dat marketingmiddel af zou kraken. Maar Harald begint hem in onze sessie zelf af te branden.

‘Dan zit ik met hangen en wurgen zo’n nieuwsbrief eruit te persen, verschrikkelijk man. Elke keer weer over m’n mannenbootcamp. Ik heb al een half jaar geen inspiratie meer, maar schrijf er toch steevast elke 2 weken over.’

-‘Oké, daar kan ik je nog wel wat tips voor geven. Maar uhm, wat heeft die nieuwsbrief je tot nu toe opgeleverd? Krijg je wel eens klanten dankzij die mails?’

‘Hahaha, nee! Ik vraag elke keer aan nieuwe klanten hoe ze bij me komen en controleer ook in mijn mailsysteem of ze ingeschreven staan. Niet dus. Ze komen allemaal via Google op mijn website en dan klikklik inschrijven, klaar. En wat de laatste tijd ook veel gebeurt, is dat iemand anders van de bootcamp een maat van hem meeneemt. Die heeft heel mijn website niet eens bekeken en sluit gewoon aan!’

Waarschijnlijk voel je hem nu wel aankomen. We besluiten nog één laatste nieuwsbrief te schrijven naar zijn volgers, waarbij Harald aangeeft te stoppen met de mails. De reacties zijn een bevestiging. De mensen die op zijn lijst staan, waren namelijk helemaal niet van plan om klant te worden, maar ze vonden zijn verhalen zo gezellig om te lezen…

 

5. Stop met ondernemen

Heel, heel, heel soms geef ik het ultieme stop-advies: trek de stekker uit je bedrijf en ga iets leuks doen. Vaak is dat bij ondernemers die vooral vanwege het avontuur in het ondernemerschap zijn gestapt, maar die gaandeweg merken dat het toch niet bij ze past.

Te risicovol. Te wisselvallig. Te tijdrovend. Of te commercieel zelfs.  

Dat laatste overkomt Leontine, die financiële trainingen geeft. In het traject hebben we haar strategie scherp gesteld, de marketing opgetuigd en zelfs de eerste offertes voor inhouse-trainingen samen gemaakt.

En tot haar eigen verbazing worden die offertes nog geaccepteerd ook. Het loopt best aardig voor een beginnend bedrijf, alleen de marketing begint haar tegen te staan. En haar doelgroep ook.

‘Weet je wat het is, Joyce? Het is me allemaal te commercieel. Te oppervlakkig. Ik dacht dat ik op dit gat in de markt wilde inspringen, omdat ik deze kans zag. Maar nu het bedrijf begint te lopen, merk ik dat ik dit toch niet wil. Ik kom uit de bewindvoering en maakte daarbij echt het verschil in het leven van mensen. Dat mis ik nu, dat sociale, dat non-profit stukje. Het staat me steeds meer tegen om te posten over geld verdienen voor een doelgroep die toch al genoeg geld heeft. Ik zet me liever in voor de mensen in Nederland die het financieel moeilijk hebben. Dáár word ik blij van.’

We komen tot de conclusie dat ze er goed aan heeft gedaan om het bedrijf anderhalf jaar geleden te starten. Om in te springen op die kans die ze toen zag. Zodat ze later nooit zou terugdenken met de gedachte ‘had ik maar…’ of ‘wie weet waar ik nu zou staan als ik toen had gedurfd’.

Ze heeft het gedurfd. Ze is die uitdaging aangegaan en heeft werkelijk alles uit de kast getrokken om er een succes van te maken. En ze heeft ervaren dat het idee inderdaad goed is als basis voor een bedrijf, maar simpelweg niet bij haar past.

We maken een plan om haar bedrijf geleidelijk stil te gaan leggen. Niet halsoverkop de stekker eruit, maar goed en netjes afronden. Inmiddels werkt ze weer in het sociale domein en post ze vol enthousiasme over de dingen die ze doet met haar allerleukste doelgroep: de mensen die het financieel wat zwaarder hebben.

 

De opluchting van stoppen

Wat al deze ondernemers gemeen hebben, is dat ze een enorme opluchting voelen nadat de knoop is doorgehakt om ergens mee te stoppen. Of dat nou over Facebook, die ene klant of het complete bedrijf gaat: als het energie kost, is het lekker als je weet dat je gaat stoppen.

Maar het levert meer op dan alleen die opluchting. Door een onderdeel van je bedrijf te schrappen, blijft er minder over om in de gaten te houden. Jouw bedrijf wordt ineens simpel en overzichtelijk.

Je kan je bedrijf beter sturen, makkelijker nieuwe knopen doorhakken en vooral… met rust in je kop werken. Niet meer hectisch en drukdrukdruk, maar simpel en duidelijk.

Jouw organisatie wordt zelfs saai. Zo saai, dat je weer voelt dat je meer aankan. Dat er ruimte over is. Je voelt dat je klaar bent om te gaan groeien, zonder overbodige ballast.

 

Gr. Joyce